Nederlandse kaas is populair

Vraag een buitenlander wat het eerst in hem opkomt als hij aan Nederland denkt, en de kans is groot dat hij, behalve tulpen, molens, en klompen, kaas opnoemt. De typische goudgele kaas met de bekende gaatjes wordt al heel lang in Nederland geproduceerd. Er zijn aanwijzingen dat al ver voor Christus in Nederland kazen werden gemaakt; zelfs Julius Caesar schreef over de kaasproductie in Nederland en Belgiƫ. Logisch, want de grond in Nederland is uitermate geschikt voor het houden van melkvee.
Ook de export van kaas gaat heel ver terug. Al in de Middeleeuwen was kaas een belangrijk exportproduct, en dat is in de jaren erna alleen maar gegroeid. In de Gouden Eeuw stond Nederland al bekend als kaasland, en ook tegenwoordig wordt het zuivelproduct veel uitgevoerd. In 2011 groeide de export van landbouwproducten opnieuw, waarin kaas een belangrijk aandeel had. Het belangrijkste exportland voor agrarische producten is Duitsland, maar ook in andere landen slaat de Nederlandse kaas aan.
Dat blijkt onder andere uit het voorbeeld van een Nederlandse kaasboer in Ierland, die in economisch zwaar weer stand wist te houden. Tijdens de crisis in Ierland bleef zijn kaas goed verkopen. De populariteit van het product was zelfs zodanig dat het over de hele wereld werd gekocht, tot in Australiƫ en Nieuw-Zeeland toe. Zo blijkt maar weer dat Nederlandse kaas overal populair is en blijft.